Energiescan Houthandel Heuvelman

In opdracht van Houthandel H.& P.H. Heuvelman onderzocht MLD de bestaande situatie betreffende de verlichting in productiehallen 1 en 2.
Het betreft twee gebouwen, bestaande uit 1 bouwlaag verdeelt in diverse productiezones (gesitueerd op 2 hoogteniveaus) en een slijperij.
De werkverlichting in beide hallen wordt tijdens de daguren hoofdzakelijk verzorgt door in het zadeldak aangebrachte daglichtstraten. Deze lichtstraten verlopen over de gehele lengte van de daken.
In hal 1 is er sprake van 2 lichtstraten en een groot doorlopend raam in de gevel aan de straatzijde en in hal 2 zijn 3 lichtstraten in het dak aangebracht.

Verlichting
Beide gebouwen zijn onder de daklijn voorzien van puntvormige lichtbronnen (HPL 400 W) ondergebracht in reflectorarmaturen en losse fittingen ten behoeve van de algemene verlichting.
Daarnaast zijn per werkzone en werkplek ondersteunende montagebalken respectievelijk opbouwarmaturen met prismakappen aanwezig.
De kunstmatige verlichting wordt over diverse ondoelmatig over de hal verspreidde plaatsen, handmatig bediend.

Daglicht
Tijdens de opname viel in beide hallen op dat er gebaseerd op de daar geldende lichtnorm NEN-EN 12464-1 het voor uitvoering van de werktaken vereiste lichtniveau van 300 lux (horizontaal) door de instraling van het daglicht ruimschoots op de meeste werkplekken wordt gedekt. Dit terwijl de kunstmatige verlichting bijna overal in de hallen onverkort brandt.

Lichtmetingen
Om een duidelijk beeld te vormen hoeveel verlichting in beide hallen op de werkbanken en werkplekken aanwezig was zijn in beide situaties lichtmetingen uitgevoerd. De lichtmetingen vonden plaats op 13 oktober 2009, half bewolkte situatie in de namiddag.

Conclusie metingen
Hal 1:
Tijdens werkzaamheden over dag is er voldoende daglicht aanwezig voor gebruik als basisverlichting en kan de kunstmatige verlichting gewoon uit. De kunstmatige verlichting voldoet niet aan de geldende eisen voor werkplekverlichting NEN-EN 12464-1

Hal 2:
Tijdens werkzaamheden over dag is er op niveau 2, uitgezonderd in de gesloten ruimten aan de zijkant van de hal, voldoende daglicht aanwezig voor gebruik als basisverlichting en kan de kunstmatige verlichting gewoon uit. De kunstmatige verlichting voldoet niet aan de geldende eisen voor werkplekverlichting NEN-EN 12464-1

Aanbeveling schakelen kunstmatige verlichting op daglicht
In beide hallen is aan de orde om naast de mogelijkheid energiebesparingen te realiseren door het reduceren van het geïnstalleerde lichtvermogen, ook binnen deze situatie bijzondere aandacht te besteden aan de mogelijkheid om de tijdsduur (branduren) van de verlichting regeltechnisch te beperken. Dit vanwege de gunstige daglichttoetreding via dak en gevel (hal 1).

Lichtverbetering kunstmatige verlichting
Enkel vanwege het feit dat de kunstmatige verlichting niet voldoet aan de uitgangspunten van de actuele norm NEN-EN 12464-1 voor werkplekverlichting is aan te bevelen de algemene verlichting, nu bestaande uit puntvormige lichtbronnen HPL 400W, te vervangen door moderne doelmatige energie efficiënte verlichting.
Daarnaast speelt de Europese wetgeving inzake energiebeleid een grote rol die het gebruik van hogedruk quicklampen 400 Watt per 2010 verbiedt.
Dit in navolging tot het verbod op gloeilampen en binnenkort het verbod op conventionele voorschakel apparatuur.

Ga terug naar de referentie pagina